De campings hier in Portugal zijn voor het seizoen behoorlijk druk. Er staan, op een enkele mede wandelaar of fietser na geen tentjes, ook caravans zijn er eigenlijk niet te vinden. De campings zijn bijna tot de laatste plaats vol met campers. De één nog groter dan de ander. Het zijn vaak huizen op wielen. Veel bewoners zijn hier al sinds oktober, november of december op de camping en hebben lekker veel tijd. Bijna elke ochtend, tijdens het opbreken van de tent, komen, vooral mensen die hun hond uitlaten, nieuwsgierig een gesprekje aanknopen. Ze vertellen uitgebreid waar ze zijn geweest, over jarige honden, en mooie plekjes langs de kust waar ze graag naartoe zouden willen gaan, maarja, ze hebben een grote camper, dus komen eigenlijk de camping niet af... Maar ze willen ook graag weten wat wij aan het doen zijn en waar de tocht heen gaat. Het zijn altijd wel leuke gesprekjes, echt campinglife. Die tijd calculeren we graag in bij het vertrek. Uiteindelijk verlaten we de camping en lopen we richting noorden door het dorp de bebouwing uit over een grotere weg. Niet veel later slaan we af en gaan we weer richting oosten tussen de bekende waterbassins door.
Er zitten weer veel vogels in het water. Behalve vogels passeren we ook een van de vriendelijkste dieren van dit gebied: de Portugese Waterhond. Een ras dat in de Algarve gefokt werd om vis in de netten te jagen en verloren vangst terug te brengen. Het zijn rustige, trouwe honden.
We volgen de route totdat we, doordat het pad zo overgroeid is, niet meer verder kunnen. We hoeven niet terug, maar kunnen van hier uit een stukje landinwaarts lopen. Het is maar een stuk van een paar honderd meter, maar moeten hiervoor zeker twee kilometer om lopen. Het zijn kleine weggetjes en het is wel leuk om door het binnenland te lopen. We komen langs mooie landerijen en leuke huizen. Veel huizen zijn betegeld met wat wij "jaren '70 badkamertegeltjes" zouden noemen. Elk huis met een ander motiefje. Een kleurrijk aanblik.
We volgen een tijdje een Europese fietsroute. De Euro Velo 1: Rota da Costa Atlântica. Een route van bijna 9.000 kilometer richting Schotland. Ook mooi, en voor ons nu erg handig om op de kleine verkeersluwe wegen te blijven. De bordjes brengen ons via een mooie route tot bij de volgende camping bij Tavira. Een mooi stadje met leuke pleintjes en oude huizen. We hadden er graag morgen een dagje rondgekeken, maar de camping laat ons niet binnen. Ze zijn in de winter alleen geopend voor campers omdat deze anders overal door de stad gaan staan en dat vinden ze geen gezicht. We hebben nu 20 kilometer gelopen en het is half vier. Vijf kilometer verder is nog een camping en deze ligt goed op de route, dus daar hebben we nog tijd genoeg voor. Een dik uur later, gelukkig via een mooi gebied, komen we bij de volgende camping aan in Conceição. Een camper rijdt ons tegemoet. "Hij zal toch niet vol zijn…!" Maar helaas, hij is wel helemaal vol. Geen enkel plekje meer voor een klein tentje. We wegen even wat mogelijkheden af en besluiten met de trein naar de volgende camping te gaan; deze heeft wel nog plek. Het is donker als we daar aankomen, maar de tent staat vóór de verwachte regen van vanavond, dus we zijn bij als we in ons tentje zitten. Beter laat dan nooit!