De GR5
De GR5 (Grand Randonnée 5) is een Groot Routepad dat loopt van Hoek van Holland naar Nice aan de Middellandse Zee. Na de pelgrimsroute van Santiago de Compostella is het de populairste langeafstandsroute van Europa. Ze komt door Nederland, België, Luxemburg, Zwitserland en een (heel) klein stukje Duitsland, maar het grootste deel bevindt zich in Frankrijk. Hierbij doorkruist het pad de Ardennen, Vogezen, Jura en de Alpen. In totaal is de route 2.150 kilometer lang en loopt ze veelal over paden door heuvelachtig en bergachtig terrein. De route volgt grotendeels de grens van Duitsland, Zwitserland en Italië. Het hoogste punt van de route is de Col de L’Iseran, die op 2.730 meter hoogte ligt.
'Onze' GR5
We wilden de tocht graag vanuit ‘thuis’ beginnen. Aangezien we in Zuid-Limburg woonden, zijn we in Heerlen gestart. Van daaruit zijn we in 3 etappes naar Spa gelopen, waar we de GR5 hebben opgepakt. Op papier was onze route ca. 1.775 kilometer lang, maar uiteindelijk zijn we in de laatste etappe naar Nice nét de 2.000 kilometer over gelopen. Dat is zo'n 12,5% meer dan vooraf ingecalculeerd, best een flinke afwijking! Dit is grotendeels te wijten aan het lopen van en naar overnachtingsplekken, verkeerd gelopen stukken, afgezette wegen en recent veranderde stukken route. Ook zijn er voor het einde van de route 2 varianten; de hoofdvariant naar Nice en de GR52 naar Menton. Wij hebben deze laatste gekozen, die is zo'n 100km langer en erna zijn we alsnog naar Nice gelopen. Al met al tellen deze kilometer ook behoorlijk op.

Hoogtemeters
In de hele route hebben we ongeveer 150 kilometer gestegen en gedaald. Toen we begonnen aan de tocht, hadden we nog maar weinig ervaring met het lopen van trektochten. Bij het plannen/maken van etappes keken we voornamelijk naar het aantal kilometers van de wandeling om in te schatten welke overnachtingsplek we konden nemen. Maar al snel kwamen we erachter dat hoogtemeters minstens zo belangrijk zijn om rekening mee te houden :). En zeker in de Alpen bleek dit een sterk bepalende factor.
Overnachten
Omdat we kamperen het fijnste vinden, hebben we voornamelijk overnacht op campings die langs de route lagen. In de Vogezen en in de Jura hebben we ook een tiental nachten in een hut/cabin geslapen. Dat waren stuk voor stuk fijne huisjes, speciaal neergezet voor trektocht wandelaars, waar we heerlijk in alle rust hebben kunnen slapen. Het varieerde van een heel basisch hutje met enkel 4 muren en een deur, tot een klein huisje met kachel, kookgerei en zelfs een keer licht en stroom van een zonnepaneel! Sommige zijn ingericht met een slaapplek, maar de meeste zijn in basis bedoeld om te schuilen, met een tafel en banken die makkelijk even aan de kant gezet zijn om een luchtbed neer te leggen.
Er geldt een beetje de regel 'wie het eerst komt, die het eerst maalt', zelf hebben wij bijna altijd geluk gehad omdat we er niet in de (zomer) vakanties waren.
Bivakkeren
In de bekende berggebieden hebben we ook een flink aantal keer gebivakkeerd. Voor ons waren dit heel bijzondere ervaringen, zo midden in de bergen met enkel de natuur en dieren om je heen. Wel was het altijd goed kijken waar bivakkeren is toegestaan binnen welke tijden, maar ook waar je de tent veilig kunt opzetten (bijvoorbeeld ver genoeg van bewoonde gebieden en kuddes schapen en koeien af!).
Er wordt in Frankrijk duidelijk verschil gemaakt tussen wildkamperen en bivakkeren en per natuurgebied gelden er andere richtlijnen. In de Mercantour mochten we bijvoorbeeld enkel tussen 19.00u en 9.00u bivakkeren en in de Vanoise mag je alleen bij bepaalde Refuges je tentje voor de nacht opzetten. Even voor de duidelijkheid: wildkamperen wordt niet toegestaan in Frankrijk, maar bivakkeren wordt gedoogd. Het verschil zit 'm in de nuance, overdag je tentje laten staan en erbij gaan zitten met tafeltjes en stoeltjes heeft natuurlijk een stuk meer de schijn van kamperen, dan de plek puur 's nachts te gebruiken om een overnachtingsplek te hebben. Zelf hebben we altijd de tent pas bij zonsondergang opgezet en 'm zo snel mogelijk na ontwaken afgebroken, om daarna pas te ontbijten. Hier voelde we ons het prettigste bij en hebben nooit problemen gehad.
Natte tent
Wel hebben we vaker vreemde blikken gehad bij het drogen van de tent in de pauze. Aangezien veel campings in de dalen bij rivieren staan, is de tent bijna altijd erg nat bij het opbreken, vooral voor en na de zomer. Dit kan behoorlijk wat extra gewicht opleveren op je rugzak. Ook is het, zeker na een lange etappe, vaker niet mogelijk om de tent bij aankomst nog droog genoeg te krijgen om 'm in te kunnen richten. Of het drogen duurt veel te lang, terwijl je eigenlijk graag wilt uitrusten na een heftige etappe.
De oplossing die we gaandeweg hebben gevonden, was om in onze lunchpauze de tent op te zetten om 'm te laten drogen. Dit zorgde ervoor dat onze pauzes een stuk langer werden dan dat we voorheen gewend waren, met als voordeel dat we daardoor uitgeruster (en lichter) weer op pad gingen, vooral in de bergen erg fijn, en dat de tent op de volgende overnachtingsplek droog genoeg was om gelijk slaapklaar te kunnen maken.
Water
In zo'n lange pauze zetten we graag een kopje koffie. Daarvoor is natuurlijk water nodig. Sowieso drinken we aardig wat water op een wandeldag. Ook 's avonds voor de soep, het koken van pasta, de afwas, een kopje thee, wassen en het tandenpoetsen, is allemaal water nodig. Als we gewoon op een camping overnachten, komt het water mooi uit een kraan. Voor drinken tijdens het wandelen vulden we 's ochtends flessen met water op de camping. Ook kwamen we in België, Luxemburg en het Franse platteland over het algemeen genoeg winkeltjes tegen om wat bij te kopen indien we tekortkwamen.
Maar al bij de eerste keer bivakkeren verbaasden we ons hoeveel water je nodig hebt op zo'n dag. Vanaf het laatste dorpje sjouwden we 6 flessen met 1,5 liter water mee voor de avond en ochtend. Gelukkig hebben we dit vrij snel wat kunnen brengen en zijn onze skills om aan water te komen wel behoorlijk vooruitgegaan. In Frankrijk zijn er veel bronnetjes in dorpjes waar vaak zelfs drinkwater getapt kan worden. Voor de keren dat hierbij stond 'eau non-controlé' en als we water uit riviertjes en bergstroompjes moesten halen, hadden we een Katadyn waterzuiveringssysteem bij ons. Dit bleek, samen met het koken van water een gouden zet, zeker in de bergen. De Katadyn haalt alle deeltjes uit het water en het 5-10 minuten koken van water vernietigt alle bacteriën en virussen. De meeste wandelaars die wij tegen kwamen vonden dit een beetje 'dubbel Dutch' en gingen er wat minder voorzichtig mee om. Iets minder strikt ermee omgaan zal meestal ook wel goed gaan, maar het laatste waar we zin in hadden was om met maag- & darmklachten in de bergen te zitten...
Prijzen
Franse kleine bergwinkeltjes zijn duur, maar je kunt er altijd wel een simpele maaltijd samenstellen. Vooral luxeproducten als frisdrank en chocolade zijn erg prijzig, maar als je het bij basisproducten als pasta, brood en groente houdt, is het wel goed te doen. Zelf hebben we als we in een wat grotere plek waren, zo veel mogelijk de basis inkopen (etenswaren, maar ook verzorgingsspullen) bij de grote supermarktketens gedaan.
In Luxemburg zijn voor ons de tankstation een uitkomst gebleken: je kunt er alle boodschappen vinden, meestal wel tegen een redelijke prijs. En af en toe als we er even doorheen zaten door de Luxemburgse heuvels, konden we er ook terecht voor een kop koffie, een ijsje of een koele frisdrank.
We hadden het al verwacht, maar Zwitserland bleek ook in de praktijk echt érg duur voor boodschappen. Voor een simpele avondmaaltijd plus klein ontbijt waren we een keer €35,- kwijt in een plaatselijk supermarktje. Dus als het effe gaat: sla wat essentials in voordat je deze grens oversteekt. Ook de campings zijn prijzig in Zwitserland, maar ze zijn over het algemeen wel erg goed onderhouden en schoon. En in Les Brenets kregen we bij de camping een pas waarmee we gratis van het OV gebruik en een boottocht op het meer konden maken, met kortingskaartjes voor de toeristische attracties in de buurt.
De campings variëren vanzelfsprekend erg in prijs. Wij waren gemiddeld zo’n €17,- per nacht kwijt en de paar hotels waar we hebben geslapen kostten rond de €70,- per nacht. Het gebruik van de hutjes en het bivakkeren was gratis. Alleen in de Vanoise werd door de Refuges waar je bij mocht gaan staan een kleine bijdrage van €5,- per persoon gevraagd, voor het gebruik van sanitaire voorzieningen en drinkwater.
Vocht
De drie grootse ergernissen van trektocht lopers zijn teken (de gemene kleine diertjes waar je behoorlijk ziek van kunt worden), camperaars (grapje natuurlijk, maar het is erg vervelend als je terug komt bij je tentje en tussen twee joekels van campers staat), en vocht. De eerste 2 zijn lastig te vermijden, de laatste categorie heb je echter wel voor een deel zelf in de hand.
Kamperend hiken is fantastisch, maar het is ook een uitdaging om alles schoon en droog te houden. Als je spullen 's ochtends nog vochtig zijn en je ze in moet pakken voor een nieuwe etappe, is het erg lastig om de rest van je gear droog te houden.
We hebben dan ook altijd zo veel mogelijk natte spullen in plastic zakken gedaan en tijdens wandelpauzes onze tent, handdoeken en vochtige kleding laten drogen. Als we tijdens een etappe flink regen hadden gehad, lieten we 's avonds altijd alle natte spullen (backpacks, regenhoezen, regenjasjes en natte broeken) in de voortent liggen totdat alles, al dan niet een dag later, weer droog was. Wat we hebben ondervonden is dat een waterdichte rugzak niet altijd erg handig is. De Hyperlite Mountain Gear rugzak van Mark is nagenoeg waterdicht. Er komt weinig vocht van buiten in, maar als er eenmaal vocht in zit, krijg je het er erg moeilijk weer uit. De volgende keer zullen we kiezen voor een ‘ademende’ rugzak met een regenhoes.
Voedsel
Als je lange etappes maakt, zeker in de bergen, heb je eten nodig. Véél eten, hebben we gemerkt. Ook hier hebben we gelijk tijdens onze eerste nacht bivakkeren en belangrijke les geleerd: neem zo licht mogelijk voedsel mee! De eerste keer liepen we met veel verse groente, fruit en een zwaar blik Ratatouille de bergen in (algemene tip: sowieso blikwaren vermijden, aangezien je aan het afval zelf ook weer de berg mee af moet slepen ;)). Dit is niet vol te houden... Al snel hebben we, zeker bij meerdaagse etappes, de verse groente vervangen voor gedroogde groente en af en toe bleken de bekende gevriesdroogde maaltijdzakjes een uitkomst te bieden. Al snakten we na 3 dagen hierop in de bergen overleefd te hebben, wel enorm naar vers fruit en een 'echte' maaltijd...
Avontuur
Al met al was het lopen van de GR5 voor ons één groot avontuur, waarin we enorm veel hebben geleerd. We hebben er lang over gedroomd en uiteindelijk de stoute ‘berg’schoenen aangetrokken. We hebben aardig leren plannen en omgaan met onverwachte situaties en geleerd dat je eigenlijk maar heel weinig nodig hebt in het dagelijkse leven. We begonnen met veel te veel spullen, maar de voeten vertellen vrij snel dat dat allemaal niet nodig is. Downsizing voelt goed als je elke gram die je bezit op je rug draagt. Het is natuurlijk af en toe survivalen en ook vaker wel zwaar, maar de ontmoetingen onderweg, de mooie plaatsen die we tegenkwamen en de uitzichten elke keer dat je een berg over kwam, maken dit zo belonend. Een tocht om nooit meer te vergeten!