Weer een schitterende etappe over de bergen van de Alpen. De route loopt vanaf de camping in Châtel redelijk vlak naar Chapelle d’Abondance. Van daaruit klimt deze steil over zo’n 4,5 km van 1.018 meter, naar Les Mattes op 1.930 meter hoogte. Vanaf daar blijft de wandeling hoog, al daalt en stijgt de route nog behoorlijk. In het eerste deel gaat de route voornamelijk over kleine bergpaadjes, later worden de paden breder. Mooie uitzichten zijn gegarandeerd vanaf deze hoogte!
Even vroeg als afgelopen dagen lopen we in alle rust de camping af. We beginnen met het vlakke stuk van 5 kilometer dat we gisteren van de GR5 af zijn gelopen. Dat is even wat anders; normaal beginnen we meteen met een klim.
Na deze kilometers buigen we van de riviertje af die we door het dal volgden om de klim omhoog de starten. Met proviand voor 2 avonden en 3 wandeldagen klimmen we over de bospaden 900 meter omhoog. Halverwege stoppen we bij een kleine chalet om wat water te drinken, maar we houden verder de pas er goed in. We lopen door de bossen, passeren enkele stroompjes en een grote waterval. Bovenaan de boomgrens komen we in een groot groen hoog dal uit. Een mooie alpenweide. Hier lopen we een stukje vlak en komen langs een boerderijtje waar verse geitenkaas wordt verkocht aan wandelaars, want er is geen mogelijkheid om er met de auto te komen. Helaas is het winkeltje vandaag gesloten.
Aan het einde van het dal rest ons het laatste stuk klimmen en lopen we een col over. Bovenop ligt een schitterende weide met verre uitzichten en kale bergtoppen. Wauw, we zijn weer in het hooggebergte! Tijd voor een goeie pauze.
Na deze pauze volgt een stuk afdalen, dus het is even afwachten hoe het vandaag zal gaan na wat ‘pedicure voor dummies’ aan onze blaren en tenen.
Gelukkig gaat dit behoorlijk goed. Zonder noemenswaardige problemen komen we na een kilometer of 4 aan bij een verzameling schuren, Lenlevay genaamd, waar ook een waterpunt ligt. We weten nog niet hoe ver we gaan komen vandaag, dus we slaan hier alvast voldoende water voor de avond in. Dit is in ieder geval goed drinkwater en we weten niet wat we verder tegen zullen komen. En heerlijk om met deze temperaturen een slok koud water te kunnen drinken, het is ook op deze hoogte flink warm.
Vanaf hier worden de smalle bergpaadjes een stuk breder en de route een stuk vlakker. Het loopt dan ook lekker door.
We genieten van de vergezichten en de mooie natuur. Niet hoog boven ons zien we twee gieren zweven, dit maakt het plaatje helemaal compleet!
Bovenaan bij Col de Bassachaux op 1777 meter komen we dicht bij de Zwitserse grens. Dit grensgebied was ook lange tijd smokkelland en er werd vaak verstoppertje gespeeld tussen fraudeurs en tollenaars, wat soms tragisch eindigde. Hier bovenop staat naast een auberge een monument ter nagedachtenis aan gesneuvelde smokkelaars.
We hebben ondertussen 18 kilometer gelopen en het is inmiddels 17.00u, dus we volgen de route nog een stukje maar houden onze ogen open voor een geschikt plekje voor de nacht. We lopen licht stijgend over een groot pad langs een skigebied met aan de rechterkant prachtig uitzicht over een dal met een groot stuwmeer, Lac Montriond, dat honderden meters onder ons glinstert in de avondzon.
Het wordt steeds later en de schaduwen worden steeds langer als we van het brede pad afbuigen een grasland in. Na wat heuveltjes en rotsen over geklommen te zijn, zien we aan de zijkant van het pad, pal naast een rots, een mooi vlak stuk waar ons tentje nèt op zal passen. We besluiten in ieder geval hier onze spullen neer te zetten en onze avondmaaltijd te koken. Mark gaat nog in de omgeving op zoek naar een beter plek, wat verder van het pad af. Het is ondertussen half 7 en het begint wat te druppelen. We maken tegen de rots met onze wandelstokken en poncho’s een afdak waaronder we met al onze spullen kunnen zitten en kunnen koken. De uitzichten zijn fenomenaal. Aan de ene kant de bergen en dalen in het oranje licht van de ondergaande zon, met aan de andere kant de steeds zwarter wordende luchten, maar die geen meter dichterbij lijken te komen dus we maken ons geen zorgen. Tegen de tijd dat we onze maaltijd half op hebben gaat het van druppelen naar harder regenen en na een paar minuten zitten we in een stortbui met hevige wind. Een half uur lang moeten we alle zeilen bij zetten en komen we handen en voeten te kort om de tarp in bedwang en de spullen enigszins droog te houden. Zodra het iets minder hard regent, is het al bijna helemaal donker. We moeten even improviseren; het stuk pad dat 2 meter van ons vandaan ligt is nét breed en vlak genoeg voor onze tent en in de regen met hevige wind zet Mark het tentje in z’n eentje op, terwijl Malou de spullen droog probeert te houden onder de flapperende poncho’s. Gelukkig staat de tent snel, dus kunnen we vlug alle spullen veilig in de voortent leggen. Met alle scheerlijnen strak blijft de tent goed staan en kunnen we alsnog droog en beschut onze maaltijd verder opeten.
We zijn wederom heel blij dat we dit ruime tentje hebben, waar we samen en mét alle spullen in de voortent kunnen zitten en van daaruit droog de binnentent kunnen inrichten. Het enige oncomfortabele is dat we nu midden op het pad staan. Maar we gaan er vanuit dat in dit weer, zo in de bergen, niemand meer over de pas zal komen. Morgen zetten we extra vroeg de wekker, zodat we op tijd op kunnen breken. Hopelijk wordt het snel weer droog…