Etappe 102

Lac du Milieu ⇒ Benasque

📅3 Augustus
📍Pyreneeën, Spanje/Andorra
🥾Km 2.444 van de totale tocht
Route & hoogteprofiel Bekijk op Wikiloc ↗

Het is koud en het waait hard als we iets na zessen ons tentje uitkomen. Guur genoeg om weer snel de tent in te kruipen voor koffie en een ontbijt. Gelukkig komt de wind van achter ons en kunnen we de deuren van onze tipi-tent open laten. Wat een uitzicht om wakker te worden! We zitten boven de wolken, richting Frankrijk hangt een flink dek. Af en toe komt er een flard wolk voorbij en zitten we even in de mist. Een wandelaar die langs komt vindt onze tent erg leuk, we praten even over tenten en routes en dan loopt hij weer door. Wij kunnen beter ook opschieten, want ook al is het koud en is dit een schitterende plek om wat langer te blijven, er ligt een behoorlijke etappe voor ons met veel hoogtemeters. We pakken onze spullen in en gaan op weg. Het eerste stuk gaat nog niet zó steil, maar wel al snel over grote rotsblokken. En niet veel later steil én over grote rotsblokken. We stappen en springen van steen naar steen met grote gaten ertussen. Er is niet echt een pad, maar wel stapeltjes stenen om de route aan te geven. Vaker lopen we in de mist als er weer eens een wolk voorbij komt. Met de felle zon voor ons is er achter ons een soort kleurloze regenboog in de mist te zien, iets onder ons. Een mistboog dus eigenlijk, een heel apart fenomeen. Af en toe horen we wat geblaat uit de mist komen en doemt er een verdwaald schaap op, verder zijn we alleen op de helling.

Het grijze landschap wordt af en toe onderbroken door een enkel bloemetje en af en toe een klein meertje, de ene blauw, de ander bijna roze. Na 2,2 kilometer komen we op de eerste top, we hebben al meer dan 450 meter gestegen. Hierna volgt op de kaart een stuk van 1200 meter glooiend, maar vrij vlak, voordat we aan de volgende afdaling beginnen. We staan boven op de col, col des Gourgs Blanc op 2.877 meter hoogte, en vragen ons af waar dat vlakke stuk dan is? Voor ons gaat het nog steiler naar beneden dan dat we gekomen zijn. Over vlaktes van losse stenen. Eén stap, en je zakt een stap extra naar beneden. Het is goed uitkijken om niet meters naar beneden te schuiven, maar het is wel een pad. Eenmaal beneden wordt het weer een stenen vlakte en zijn er ook geen stenen stapeltje meer te zien. We proberen onze route op kaart en navigatie te vinden en dat gaat redelijk goed. In het dal ligt een kleine ijsvlakte. Als we dichterbij komen zien we een groot gat eronder en er blijkt een grote gletsjer verborgen te zitten onder de stenen. Dat ijs moet er al lang liggen, langer dan dat de stenen er liggen. We banen ons een weg omhoog over stenen, rotsen en ijsvlaktes naar col de Pluviomêtre op 2.860 meter. Het is schitterend! Het ijs en sneeuw bij de blauwe meertjes, het dramatisch grijze rotslandschap en weer zo’n mooie mistboog! We genieten, maar verbazen ons ook dat dit ‘maar’ 80 meter afdalen en 60 meter stijgen was. Dat kostte veel tijd en energie. Het gaat al richting 12 uur en we hebben nog geen 3,5 kilometer gelopen, amper 20% van de wandeling.

De ondergrond waarop je loopt maakt zó veel uit, stijgen en dalen is één ding, maar de vele stenen maken dat het langzaam gaat. Voor ons ligt een dieper dal, één flinke afdaling naar Lac du Portillon. 300 Meter dalen over 2,7 kilometer, gemiddeld niet echt steil dus, maar hij begint wel met een stuk bijna recht naar beneden. Na dit stuk wordt het gelukkig wat minder lastig lopen, van een stenenveld gaat de route over in een ‘gewoon’ pad over grasland. Af en toe hebben we uitzicht op het meer, maar meer en meer komen we in de wolken en wordt het mistig, en als de zon er niet is is het een stuk frisser. Als we verder afdalen begint het te miezeren en te waaien, het is behoorlijk nat en koud. Bij de dam die we over moeten ligt een grote refuge. We twijfelen of we er naar binnen zullen gaan om wat warms te eten en te drinken, maar het is er behoorlijk vol en in onze natte kleding blijven zitten is niet echt een fijn vooruitzicht.

We krijgen er drinkwater en na wat dubben besluiten we moe en verkleumd toch door te lopen en aan de klim te beginnen, in de hoop dat we weer boven de wolken uitkomen en daar een pauze kunnen maken. Het is al half 2, we zijn ondertussen 5 uur aan het lopen en best wel aan pauze toe. We steken de dam over en beginnen de klim, de helling gaat flink steil omhoog. Ook al gaat het klimmen ondanks de vermoeidheid wel lekker, we hopen toch snel een zonnetje tegen te komen. Maar dat duurt lang, uiteindelijk wordt de lucht iets lichter en komen we langs een klein vlak stukje waar we kunnen pauzeren. We zijn blij om even te zitten na 6 uur non-stop klauteren, maar het is guur, het begint weer te regen en de temperatuur daalt snel. Toch moeten we even wat eten en drinken, want we hebben nog wat voor de boeg. We zijn onderweg naar Portilló de Lliterola op 2.981 meter. Als we pauzeren komt de wandelaar van vanochtend langs, een hiker uit Zuid-Afrika. Hij heeft in de refuge beneden gehoord dat het weer verder omslaat en dat er op de hogere delen kans is op sneeuw. Er is nog maar een klein tijdraam om de col over te komen. Hij is blij dat we achter hem aanlopen, zodat als hem iets gebeurt, we hem vinden. Hmm, dat is wel serieus, achter ons loopt er voor zover we weten niemand meer. We maken na een korte pauze haast om weer door te gaan en stijgen snel. De paden maken weer plaats voor stenen velden waar wederom geen pad meer te zien is. We richten ons op plakken sneeuw: rechts langs die en links langs die… we klimmen tot we bij een grote sneeuwvlakte komen onder aan de laatste klim. De vlakte is steil, dus we lopen naar de zijkant om daarna weer de stenen vlakte op te gaan. Tussen de stenen stroomt water en opeens zien we overal grote stukken ijs. De stenen liggen op een grote gletsjer waar we overheen moeten, omhoog, naar de laatste col. Super om over een gletsjer te lopen, je zou ‘m haast niet herkennen onder de stenen. Maar we zijn blij dat het nog niet sneeuwt, en door het vele smeltende ijs onder en naast ons komen er af en toe behoorlijke stenen onze kant op rollen. De vallende stenen klinken in de rust van de mist en de bergen als gedonder. We klimmen vlug door, nog een laatste stukje, een heel steil stuk over losliggende grote stenen, maar het kan niet echt snel. We wachten tot de ander meters verder is voordat de volgende weer een stuk klimt. We komen boven. Op het hoogste punt van de dag, het hoogste punt van deze tocht en het allerhoogste punt van alle etappes sinds thuis: 2.981 meter boven zeeniveau! Wow! Het weer aan de andere kant van de col is bewolkt, maar wel wat opener, het gevaar op sneeuw lijkt geweken. We genieten even van het uitzicht en beginnen dan, om 16:00 uur aan de afdaling. Het is even goed zoeken naar beneden, de col kom je niet zomaar af. Het is de keuze: steil over veel losliggend gruis en stenen, of nog steiler voetje voor voetje, hand voor hand bijna verticaal afdalen en een stuk verder over het gruis doorgaan. We kiezen voor het laatste en helpen elkaar veilig naar beneden. Het lastige begint pas bij de eindeloze afdaling over het losse puin. Elke keer dat je uitglijdt wordt je voorzichtiger totdat het niet meer te lopen is en de wandelzin even vergaat. Het wordt later en later. Het is kwart over 7 als we wat vastere ondergrond krijgen. We kijken terug. Dat kan niet, zijn we daar echt naar beneden gekomen? We zien geen route, en toch zijn we nu hier, best wel aan het eind van ons latijn. Wat een schitterend landschap, wat een ongelofelijke schoonheid die bergen, maar we moeten door, voordat het te gevaarlijk wordt om door te gaan. Onderweg naar beneden raken we het spoor bijster. Gewoon maar naar beneden dan, daar moeten we toch naar toe. Totdat we bovenaan een tientallen meters hoge afgrond staan en niet verder kunnen. Een stukje terug dan en wat verder naar rechts proberen. Gelukkig zien we daar de ‘stenen mannetjes’ weer om ons de weg te wijzen die ons naar het eerste hoogdal brengen, het begin van rivier Barranco de Remuñe. Deze moeten we nog helemaal tot het einde volgen, tot deze de Rio Ésera instroomt. Van 2.400 meter naar 1.730 meter. Het is verleidelijk om hier ons tentje op te zetten. Het is een mooie plek, vlak en met water, maar als het weer hier omslaat, en dat is wel voorspelt, moet we morgen de afdaling verder de vallei door, in de regen over gladde stenen doen. Ook al is het laat, veel te laat, we gaan toch maar door. Het pad wordt er niet makkelijker op, we lopen weer over veel stenen door het ene ravijn na het andere. In de tussentijd daalt de route sterk. Over stukken zonder pad en langs rotsen met maar een paar centimeter ruimte om de voeten op een richel te zetten. Ondertussen op een combinatie van adrenaline en de automatische piloot komen we op grasland aan en later in het bos. Het begint te regenen en donker te worden en in de bergen is het dan ook al snel helemaal donker. Gelukkig hebben we een hoofdlampje en een zaklamp, dus het pad door het bos en de moerassen is goed zichtbaar en uiteindelijk komen we beneden in het dal op een weg uit. Jammer genoeg niet de weg naar ons hotel, Hospital Llanos de Benasque, daarvoor moeten we óf 50 minuten om lopen, óf een stukje hogerop afdalen en in het donker over weilanden lopen. Dat laatste lukt nog wel, en uiteindelijk komen we om 22.30 uur aan bij het schitterende hotel midden in de bergen. Uitgeput, koud en nat, maar veilig. Dat is het voornaamste. Een goeie douche en een goed bed, dat is het enige dat we nog nodig hebben, en dat hebben hier, dus we zijn opgelucht. Wat een tocht! 14 uur over nog geen 19 kilometer met maar één korte pauze. Dat is langzaam, maar sneller dan een slak, die gaat maar 5 meter per uur….;-)

🎬
Bekijk de route als animatie Stage 102: Lac du Milieu - Benasque
Bekijk →

Meer foto's