Wij kamperen altijd graag, en doen dat eigenlijk bijna altijd liever dan overnachten in een hotel, hostel of casa rural. We zijn graag buiten en het geeft ons meer het gevoel van vrijheid. Maar oké, af en toe heeft kamperen in een tent ook wel wat nadelen. Het enige echte nadeel voor ons zijn campings die ‘s nachts het licht aanlaten, waardoor het erg licht is in onze tent. En op de camping waar we nu stonden was er een schijnwerper op ons gericht, waardoor je in de tent letterlijk een krant zou kunnen lezen. Daarnaast waren ze het asfalt van de autoweg die een stukje achter de camping loopt aan het vernieuwen, met alle herrie van dien, wat gelukkig wel ophield toen halverwege de nacht de regen met bakken uit de hemel kwam vallen met luid onweer… We worden vanochtend dus allebei een beetje moeilijk wakker na de gebroken nacht. Erg jammer, want de camping is best leuk en grappig aangekleed in een beetje sprookjesbos-achtige stijl. Maar we zijn allang blij dat de regen vannacht is gevallen en niet zoals gemeld vanochtend. We kunnen de tent droog inpakken en op pad gaan naar Briviesca. Het is maar een korte etappe van iets meer dan 17 kilometer, wat vandaag wel goed uitkomt, want ook na 13.00 uur staat veel regen gemeld en dan zouden we al in onze kamer kunnen.
We lopen de eerste paar honderd meter langs een grote drukke tweebaansweg totdat we net voor de vers geasfalteerde autoweg linksaf kunnen, een kleine weg op die de autoweg volgt. De lucht is grijs en de wolken gaan snel, maar we hebben een schitterend uitzicht op de bergen verderop. Het blijft een mooi gezicht. De weides en bermen zijn frisgroen door de regen van afgelopen nacht. Ook hier staan de bermen vol met een in Nederland zeldzame paarse orchidee met de naam ‘Hondskruid’. De Engelse naam ‘Pyramidal Orchid’ lijkt wat toepasselijker, want de bloemen zijn paarse piramidetjes, maar het Nederlandse ’honds’ is een oude aanduiding voor planten die nergens voor worden gebruikt, bijvoorbeeld als voeding of medicijn. Al klopt dit niet helemaal, de wortel wordt in Noorwegen en Zweden vermalen tot een wit en zoet zetmeelpoeder dat erg voedzaam is. Niet echt nutteloos dus, en hij is nog erg sierlijk ook.
Bij het dorp Revillagodos hebben we zo’n 5 kilometer langs de autoweg gelopen, en de route gaat ook van hieruit weer terug naar de weg en blijft deze volgen. We zien op de kaart dat er een weggetje door de heuvels gaat en uiteindelijk ook bij Briviesca uitkomt. Dat zal wel wat meer hoogtemeters opleveren, maar de heuvels zien er heerlijk rustig uit, zeker vergeleken met de drukke autoweg. We besluiten dus toch maar de weg rechtdoor te volgen. Een prachtig stuk over het Spaanse land volgt. Als je ook maar even van de drukte weg bent, zie je meteen een heel ander gezicht van Spanje. We lopen omhoog tussen de velden, we zien veel grote roze en rode klaprozen en af een toe een al dan niet vervallen huis of schuur. Een bord langs de weg wijst erop dat we ook hier op een Santiago route zitten, Camino de Santiago Via de Bayona, een oude route die tussen de 10e ten 13e eeuw is ontstaan omdat dé Camino de Frances veelal door gebieden liep die destijds waren ingenomen door de Moren, en de Camino del Norte langs de kust werd geteisterd door aanvallen van barbaarse stammen uit Noord-Europa zoals de Noormannen. Ze moesten destijds dus een route vinden om toch vanuit Frankrijk naar Santiago te komen. Ze hebben een mooie weg gekozen.
Bij het dorpje Valdazo lopen we over een smal stuk tussen huizen, als er achter ons ineens luid wordt getoeterd. Niet één keer, maar hij blijft maar toeteren, zelfs als we zover mogelijk aan de kant gaan. Een beetje geïrriteerd kijken we om. Het blijkt helemaal niet om ons te gaan, maar het is de bakker die het dorp laat weten gearriveerd te zijn met vers brood en vast ook wel wat lekkers. Uit enkele huizen komen inderdaad mensen die zich haasten naar de bus. Zo gaat dat blijkbaar hier in de afgelegen dorpen zonder winkel, dan komt de bakker naar je toe. Wel zo makkelijk. In het dorp staan aardig wat grote, vrij nieuwe huizen naast huizen die hun beste tijd hebben gehad, geen dak meer hebben of als stal worden gebruikt. Veelal mooie oude huizen opgetrokken uit leem en hout. We moeten vanaf hier nog één heuvel over en het is even goed kijken hoe we daar bovenop komen. Het weggetje dat op Google wél doorloopt blijkt doodlopend, maar door een stukje terug af te dalen en iets verderop een weg in te gaan, komen we toch nog op de heuvel. Vanaf hier dalen we af over een onverharde weg. De zon schijnt weer even uitbundig, maar het begint achter ons weer aardig donker te worden. We lopen goed door tot aan de stad. Iets voor énen komen we droog aan. Ook hier zijn veel leegstaande huizen en winkelpanden, huizen met schitterende gevels die gestut worden en waar niets meer achter ligt, en gepurde zijgevels waar een huis tussenuit is gehaald. Van de andere kant staan er ook schitterende oude gebouwen, mooie kerken, heeft het mooie straten en mooie pleinen. Het lijkt op een ooit statige stad die z’n beste tijd heeft gehad. Gelukkig hebben we vanmiddag alle tijd om het centrum verder te bezichtigen. Als het maar een beetje droog blijft, als we naar binnen lopen beginnen de druppels alweer te vallen…